Zowel voor leraren als voor leerlingen is het belangrijk om vanuit leerdoelen te leren denken. We geven workshops voor leraren.

Leerling 2020 helpt docenten en hun scholen in het voortgezet onderwijs een visie te ontwikkelen op gepersonaliseerd leren en deze uit te werken in de praktijk. Het project wordt uitgevoerd door Schoolinfo in opdracht van de VO-raad .

In 2018 organiseerde Leerling 2020 diverse workshops over leerdoelen en leerlijnen: belangrijke onderwerpen voor gepersonaliseerd leren. Het CLU verzorgt deze workshops.

Workshop leerdoeldenken

Het CLU verzorgt voor het project deze workshops. Vanuit een korte theoretische basis laten we de deelnemers individueel of in groepjes aan het werk gaan. Eerst formuleren ze enkele leerdoelen op de verschillende niveaus uit de taxonomie van Bloom. Met behulp van een lijst met handelingswerkwoorden van ieder niveau is het vervolgens een kleine stap om er passende opdrachten bij te maken. Bij gepersonaliseerd leren is het belangrijk om leerlingen zelf te laten bepalen of ze hun leerdoel bereikt hebben. Daarom formuleren de docenten ook beoordelingscriteria voor leerlingen en maken een reflectieopdracht waarmee leerlingen kunnen bepalen of het leerdoel behaald is.

We merken tijdens de workshops dat docenten interesse hebben in leerdoeldenken. Veel leraren weten dat leerdoeldenken voor hun leerlingen belangrijk is, maar ze vinden het lastig om dit in de praktijk uit te werken. Dit kan komen omdat leerlingen niet zoveel kunnen met alleen een leerdoel en bijbehorende beoordelingscriteria – en vaak blijft leerdoeldenken daartoe beperkt. Leerlingen krijgen bijvoorbeeld op een blad de leerdoelen gepresenteerd met daarbij de beoordelingscriteria op verschillende niveaus en vervolgens moeten ze aantekenen wat ze gedaan hebben op welk niveau. De leerlingen vertonen weerstand tegen deze afvinklijstjes en gaan met tegenzin aan het werk. Maar het kan ook anders.

Leerdoeldenken in de praktijk

Het belangrijkst is om het leerdoel goed te formuleren en hierbij passende opdrachten, doelen en toetsen bij te formuleren. We werken dit uit met een concreet voorbeeld uit het thema burgerschap.

Formuleer:
1. leerdoelen met duidelijke handelingswerkwoorden

Voorbeeld: aan het eind van dit thema kun je een plan maken om de leefbaarheid in je buurt te verhogen.

2. een opdracht die aanzet tot nadenken over wat er geleerd gaat worden bij het leerdoel
Voorbeeld: Zoek in de leerstof op wat je moet kunnen en weten om je plan te maken.

3. een aantal vragen om voorkennis te activeren
Voorbeeld: noem een aantal dingen die de leefbaarheid in jouw buurt verhogen en een aantal dingen die de leefbaarheid verlagen.

4. een eindopdracht waarmee het leerdoel behaald kan worden
Voorbeeld: Maak een plan om de leefbaarheid in een zelfgekozen buurt te verhogen. Om de eindopdracht te kunnen maken doe je eerst het volgende:
a. Maak met behulp van de paragrafen 1 en 2 en een eigen bron, een lijst met criteria waarmee je de leefbaarheid in een buurt kunt bepalen.
b. Gebruik de lijst met criteria om een oordeel te geven over de leefbaarheid van de buurt.
c. ……………

5. tussendoelen waar nodig
Voorbeeld tussendoelen: Aan het eind van dit onderdeel
a. kun je een aantal criteria benoemen waarmee je de leefbaarheid van een buurt kunt bepalen.
b. kun je voorspellen of een buurt wordt ervaren als leefbaar of minder leefbaar.
c. …………..

6. beoordelingscriteria waaraan de eindopdracht moet voldoen om het leerdoel te kunnen behalen
Voorbeeld: De eindopdracht is voldoende als je
– alle criteria uit de leerstof en je eigen bron gebruikt hebt
– als je in de inleiding van je plan laat zien wat onder leefbaarheid verstaan wordt
– duidelijk met behulp van beeld en geluid laat zien wat de buurt leefbaar maakt en wat de buurt minder leefbaar maakt
– je oordeel over de buurt is onderbouwd; je geeft voorbeelden van leefbare en minder leefbare zaken en je koppelt deze aan de lijst met criteria
– je geeft aan wat knelpunten zijn die veranderd moeten worden om de buurt leefbaar te maken
– praktische en haalbare oplossingen geeft voor het verhogen van de leefbaarheid
– ervoor zorgt dat iedereen morgen wil starten met het verbeteren van de wijk

Er zijn scholen die de leerlingen willen laten aangeven op welk niveau ze de opdracht uiteindelijk gemaakt hebben, zodat bijvoorbeeld een havoleerling een opdracht op vwo-niveau kan afronden. Dat is een mooi streven, maar blijkt in de praktijk best complex. Daarom is het verstandig om eerst bovenstaande goed onder de knie te krijgen. Daarna kan de differentiatie op niveau toegepast worden. De taxonomie van Bloom kan ook daarbij een handig hulpmiddel zijn.